rss search

McDonalds Bird

line

Gisterochtend werd ik wakker. Ik stond op en opende mijn rolgordijn. Een laf zonnetje scheen in mijn gezicht. De straat was nog uitgestorven. Een fijn gezicht. Alsof de straat zelf nog slaapt. Geen winkelend publiek, straatmuzikanten of draaiorgels. De Lange straat ontwaakte samen met mij.

Maar deze ochtendrust werd ruw verstoord bij het openen van mijn raam. De dakgoot was gevuld met een laagje water. Niet erg verassend. Maar er lag iets opvallends. Iets wat je niet in een dakgoot verwacht. Kippebotjes.

Luguber vond ik het.  Resten van een dode kip. ‘s Ochtends vroeg. In je dakgoot. Ik heb liever ontbijt op bed. Maar ja, ik kon er niet om heen. Daar lag het, recht voor mij. Twee flinke stukken bot van een centimer of 10. De stukjes vlees aan het bot bewogen als zeewier door het water in mijn dakgoot.

Twee stukken waren het maar. Dat betekende dat de kip niet eens compleet was. Ik had direct medelijden haar.  Ik kan me voorstellen dat het leven als kip al niet zoveel voorstelt. Maar om dan ook nog eens zo te eindigen.  Liggend in een laagje regenwater. Midden in de dakgoot. Incompleet. Nee, dat gun je geen kip.

Ik vroeg mij ook direct af hoe die kip daar was beland. Een rituele slachting op het balkon van mijn buren ligt niet voor de hand. Bij de Girls en Boys houden ze zich toch vooral bezig met kinderkleding. Gevallen uit het toilet van een vliegtuig? Leek me ook niet waarschijnlijk. Dan had er ook een drol gelegen. Ik kwam er niet uit. Lekker, de dag beginnen met een hoofdbreker. Ik besloot onder de douche te stappen. Daar schijn je tot de beste inzichten te komen.  En verdomd. Het gebeurde! Ik stond onder de douche en moest opeens denken aan vorig jaar. Australië.

Ergens in juni was ik beland in een klein dorpje, Yeppoon. In het hostel, een mooi oud houten huis , zaten met mij slechts vier anderen reizigers. Twee Ieren en twee Amerikanen. Eén van de Ieren was een vrouw en heette Aoife. Een oude keltische naam. Ze was ook een echte Aoife. Maar Aiofe was niet diegene die mij het licht deed zien.  Dat was haar, en mijn,  Amerikaanse hostelgenoot.  Haar naam ben ik vergeten maar één ding staat me nog helder bij. Terwijl we met z’n allen buiten zaten kwam zij met het toppunt van Amerikaniteit (per vandaag een officieel woord).

Zij sprak, alsof het de normaalste zaak van de wereld was, óver dé Mc Donalds Bird. Een officiële naam voor een vogel. Volgens de Amerikaanse. De Mc Donalds Bird…….  “Omdat hij altijd gezien werd bij de McDonalds”. Het bleek de mus te zijn……  Ik heb er toen geen grappen over gemaakt en ga het nu ook niet doen.  Treffender kan je Amerika niet omschrijven. De Mc Donalds Bird….

Maar terugdenkend aan Australië, aan Yeppoon maar vooral deze bijzondere, typisch Amerikaanse vogel,  viel het kwartje: het waren Meeuwen geweest! Het stikt er van in de binnenstad. Een ware plaag. Vretend aan alles wat los en vast zit. Zonder enige gêne.

Helder als ik plotseling was, besefte ik me  dat ik ze ook had gehoord die nacht.  Ze hadden met z’n tweeen in mijn dakgoot gezeten. Dronken natuurlijk. Doorgehaald bij ‘ De brug draait door’, nog even een kroegje gepakt en vervolgens uit de vuilniszakken op straat een paar kippeboutjes gescoord. Luid krijsend en lallend hadden ze daar hun avond afgesloten. Wat shoarma is voor ons mensen, is kip voor meeuwen. In plaats van een ranzig houten bakje doordrenkt van resten knoflooksaus en een stukje onopgegeten pitabroodje omdat er niet genoeg shoarmavlees meer was, eenzaam achterblijfend op de tafel van de shoarmatent als de stille herinnering aan een heerlijke avond, hadden deze meeuwen hun kippepootjes achtergelaten. In mijn dakgoot.

Deze gedachte deed mij zuchten van verlichting. Ik draaide de kraan dicht en stapte uit de douche. Australië, het land met alle antwoorden.

Ik kon met een gerust hart aan mijn dag beginnen.



Leave a Comment